|
Voor de ouders
De Blijvende Waarde van het
Gezin
1. De doeltreffendheid van het
gezin
2. Het gezin, een groep mensen
die met elkaar delen
3. Zekerheid en bestendigheid
4. Persoonlijke stijl
5. Het gezin als de eerste
school van menselijke deugden
6. De eenheid van het gezin
Conclusie
Voorwoord
Zeer vaak horen wij heden dat het gezin in een crisis is beland. Men wil
ons doen geloven dat het begrip gezin dreigt achterhaald te worden.
Diens missie, diens doel is immers bereikt, zo zegt men, en de
maatschappij heeft nu betere manieren gevonden om de rol te vervullen
die tot nu toe door het gezin werd ingenomen. Maar toch is met het blote
oog en met gezond verstand duidelijk vast te stellen dat de mens binnen
het gezin wordt geboren, dat diens eerste lichamelijke en emotionele
contacten plaatsvinden binnen het gezin, en dat de mens veiligheid vindt
binnen het gezinsverband totdat hij of zij het huis verlaat.
Men kan uiteraard redeneren dat een mens ook buiten een gezinsverband
geboren kan worden. Diens eerste lichamelijke en emotionele contacten
kunnen ook buiten dat verband plaatsvinden, en voor het vinden van een
basale vorm van veiligheid kan beroep worden gedaan op een ander
maatschappelijk verband dan dat van het gezin. Wij moeten ons dus
afvragen of er daadwerkelijk waarden bestaan die specifiek toebehoren
aan het gezin. Of kunnen wij op zijn minst stellen dat wij bepaalde
waarden alleen maar op een bijzonder doeltreffende wijze kunnen
ontdekken en beleven juist vanwege de bijzondere kenmerken van het
gezin?
Deze vragen kunnen vanuit verschillende invalshoeken beantwoord worden.
Sommigen baseren hun antwoorden op een emotionele, haast instinctieve
reactie die het gevolg is van hun positieve ervaringen met het
gezinsleven. Voor hen is er geen andere verklaring nodig, en geen ander
antwoord zal voor hen geldig zijn.
Maar toch zullen vele mensen de behoefte hebben om deze overtuiging
rationeel te onderbouwen. Immers, om de realiteiten van het leven te
ontdekken moeten beide kanten van de persoon - de emotionele en de
rationele kant - zich ervoor inzetten om daadwerkelijk te komen tot een
echt geïntegreerde persoonlijke ontwikkeling. Dit betekent dus dat de
waarde van het gezin, die wij vanaf kindsheid hebben ervaren, op een
intellectuele manier moet worden bekeken om diens waarde vast te stellen
en om te zien of dat vaste geloof in het gezin daadwerkelijk gegrond is.
Voor een adequaat oordeel is informatie van essentieel belang, maar
informatie is in het algemeen zelden echt objectief. Informatie is
bijvoorbeeld beïnvloed door de motieven van de mensen die verstrekken,
alsmede ook door hun daadwerkelijke kennis. Het is altijd een probleem
om voldoende gegevens te verzamelen, en het is evenzeer moeilijk om
onderscheid te maken tussen feiten en meningen, tussen wat écht
belangrijk is en wat slechts secundair is. Met andere woorden: om
adequaat te kunnen oordelen zullen er richtlijnen nodig zijn om ons
duidelijk te maken wat méér waarde heeft, wat minder waarde heeft, wat
helemaal geen waarde heeft en zelfs wat een negatieve waarde inhoudt.
Met betrekking tot de mogelijke waarde van het gezin zou de christen er
goed aan doen om kennis te nemen van bepaalde expliciete verklaringen
van de kerkelijke hiërarchie. Een van de relevante verklaringen vinden
wij in de Verklaring over Educatie van het Tweede Vaticaanse Concilie:
“[...]Omdat ouders het leven hebben gegeven aan hun kinderen, hebben
zij de serieuze plicht om ze op te voeden en zijn daarom de eerste en
primaire opvoeders. Hun plicht - het opvoeden van de gezinsleden - is zo
belangrijk dat die onvervangbaar is. Het is daarom een verplichting van
de ouders om een atmosfeer in het gezin te scheppen die geïnspireerd is
door liefde en door piëteit ten opzichte van God en de mens, en die een
geïntegreerde persoonlijke en maatschappelijke opvoeding bevordert. Om
die reden is het gezin de eerste school voor maatschappelijke deugden,
die alle samenlevingen nodig hebben. Boven alles moeten de kinderen in
het christelijke gezin, verrijkt met genade door het sacrament en de
plichten van het huwelijk, vanaf hun vroegste jaren leren om God te
kennen, te voelen en te aanbidden, en hun naasten lief te hebben volgens
het geloof dat door de doop is verkregen. Binnen het gezin krijgen zij
hun eerste ervaring van een gezonde menselijke samenleving en van de
Kerk. Via het gezin kunnen de kinderen gemakkelijk in de maatschappij en
in de Kerk van God worden ingevoerd. De ouders moeten daarom zorgvuldig
overwegen hoe belangrijk een waarlijk christelijk gezin is voor het
leven en ontwikkeling van Gods hele schepping (nr.3) [...]
Een duidelijke verklaring van de Kerk zoals deze moge voldoende informatie
voor veel christenen zijn. Maar thans zullen wij ons best doen om een
pragmatische verantwoording van het gezin aan te bieden en haar nut aan
te tonen door diens doelmatigheid te bestuderen.
5
1. De
doeltreffendheid van het gezin
Ik zou allereerst drie aspecten van doeltreffendheid willen noemen:
a) Prestatie
Dezelfde resultaten met minder moeite bereiken; dezelfde resultaten in
minder tijd bereiken; betere resultaten met dezelfde moeite bereiken;
enzovoorts.
b) Persoonlijke voldoening
Doeltreffendheid houdt ook in dat er resultaten moeten komen ten bate van
de actor, oftewel de veroorzaker van de actie; het gaat niet alleen maar
om mechanische efficiëntie. Het is nl. mogelijk om een goede prestatie
te leveren zonder dat die doeltreffend is, omdat er geen persoonlijke
voldoening geput wordt waaruit weer betere prestaties verwacht kunnen
worden.
c) Persoonlijke ontwikkeling
Doeltreffendheid moet op de toekomst worden gericht. De situatie mag niet
statisch blijven. Een belangrijk onderdeel van de situatie is de actor;
hij moet zich op dezelfde wijze ontwikkelen als het onderwerp van de
actie. Dat betekent dus dat persoonlijke ontwikkeling moet groeien uit
een actie, om zodoende als zo doeltreffend mogelijk te gelden.
Als het gezinsleven niet leidt tot betere prestaties, grotere persoonlijke
voldoening en meer persoonlijke ontwikkeling, dan kan een dergelijk
menselijk verband niet als doeltreffend worden gezien. Wij moeten daarom
enige bijzondere kenmerken van het gezin onder de loep nemen.
5
2. Het gezin, een groep mensen die met elkaar delen
Gezinsleden leven op een en dezelfde plek. Zij delen ruimte, eten en
gebruiksvoorwerpen met elkaar. Binnen de relaties tussen de gezinsleden
is het gedrag van elk afzonderlijk lid grotendeels onvoorspelbaar.
Gezinsleden hebben normaal gesproken geen specifieke, vastomlijnde
functies, en daarom moeten wij bij het denken aan een persoon meer de
nadruk leggen op wat hij of zij is, dan op hetgeen hij of zij doet.
Aan de andere kant constateren wij dat de neiging bestaat om in het
maatschappelijk leven personen in te delen, bijv. volgens hun beroep, of
volgens hun specialisering. Ook maken wij het voortdurend mee dat mensen
ervan houden om erachter te komen waar anderen vandaan komen, of zij
getrouwd zijn of niet, enzovoorts. Maar al deze “unieke” kenmerken van
een persoon zijn in feite kopieerbaar. Om te beginnen accepteren wij
anderen om hun kleding, hun opleiding, hun nationaliteit en ga zo maar
door. Pas na een langere tijd van met elkaar leven en omgaan kunnen wij
een andere persoon leren kennen en accepteren om die unieke kenmerken
die zij of hij heeft, en die niemand anders kan hebben of nadoen.
Maar binnen het gezin valt het accepteren van de functie van de betrokkene
in de praktijk samen met diens accepteren als persoon. Een moeder
accepteert een kind, maar tegelijkertijd accepteert zij haar kind. Dit
kind hoeft in deze relatie niet meer te zijn dan dat: een kind. Men kan
op deze manier het gezin zien als een verzameling van relaties, waarin
hetgeen wordt gerelateerd en gedeeld het meest diepliggende en
specifieke deel is van de persoon zelf, nl. diens intimiteit.
Het gezin heeft daarentegen minder betekenis wanneer het gaat om de
relatie tussen de kinderen en de maatschappij buiten het gezinsverband.
Het hangt in feite af van de mate waarin ouders hier aandacht aan
besteden. Er bestaan zelfs gezinnen waar wij een voorwaardelijke
acceptatie van het kind aantreffen: acceptatie afhankelijk van
schoolprestaties, van gehoorzaamheid aan een reeks van oppervlakkige
gedragsregels, van onderwerping aan het ouderlijk gezag.
Maar het gezin vormt in werkelijkheid een basis voor relaties waarin het
elkaar accepteren onvoorwaardelijk is, omdat deze relaties niet door
mensen bestuurd worden. Niemand kiest zijn kinderen uit, geen enkel kind
kiest zijn ouders, broers of zusters uit. Natuurlijk kan er altijd
sprake zijn van onvoorwaardelijke afstoting, maar dan gaat het om een
onnatuurlijk proces en pathologische gevallen worden nu niet besproken.
Wat hierboven is besproken is in het bijzonder relevant binnen de context
van een competitieve maatschappij waarin een van de hoogst aangeslagene
waarden is die van het maatschappelijk nut. Waarom? Binnen het gezin
heeft elke persoon de zekerheid om geaccepteerd en geliefd te worden om
wat hij of zij is, zonder aantoonbaar nut, als een uniek individu. In
alle andere maatschappelijke verbanden kan die zekerheid niet gegeven
worden.
5
3. Zekerheid en
bestendigheid
Wij hebben gesteld dat relaties binnen het gezin fundamenteel natuurlijk
zijn, en dat om die reden het accepteren van een gezinslid door een
ander gebaseerd moet zijn op de individuele persoonlijke eigenschappen.
Maar deze acceptatie is uit zichzelf dan ook permanent. Dit is zo omdat
hetgeen men van anderen geaccepteerd heeft, net als wat door anderen is
geaccepteerd, niet voorbijgaand is. Het radicale deel van de persoon
verandert niet - het ontwikkelt zich zelfs en ontdekt zijn eigen waarde.
Het kind zal voor wat hij is worden geaccepteerd binnen het gezin, zoals
wij reeds eerder hebben geconstateerd. Deze onvoorwaardelijke acceptatie
zorgt voor het gevoel van zekerheid dat een persoon nodig heeft om zich
te ontwikkelen en te verbeteren. Zou het gezin niet het bestaan, dan
blijft voor de persoon weinig anders over om alleen maar in zichzelf te
geloven, en hij of zij zal dan zichzelf moeten ontwikkelen ten einde de
erkenning van diens sociale waarde door de omgeving of maatschappelijk
verband te verzekeren. Daarentegen is de waarde van de persoon binnen
het gezin gebaseerd op wat hij of zij is. Om die reden is de acceptatie
van de betrokkene persoon onbegrensd, maar het spreekt vanzelf dat in de
praktijk niet alles klakkeloos moet worden geaccepteerd van een kind, om
maar een voorbeeld te noemen.
Met betrekking tot het huwelijk stelt het Tweede Vaticaanse Concilie in
zijn document De Kerk in de moderne wereld het volgende: “Als een
wederzijdse gift van twee mensen vereist deze intieme unie volkomen
trouw tussen man en vrouw - dit tot heil van de kinderen - en pleit voor
een onbreekbare eenheid tussen hen.” Wij wijzen erop dat de reden die
hier voor deze onverbreekbaarheid wordt gegeven, die van het wederzijds
geven is, en niet omdat het bijv. een sacrament is. Wederzijds geven
impliceert dat de man zichzelf aan zijn vrouw heeft gegeven en viceversa.
Daarom behoort niemand van de twee meer tot zichzelf, maar tot de
andere. Iets dergelijks gebeurt met de kinderen: de ouders geven
zichzelf aan hun kinderen, en het resultaat van dit alles is
bestendigheid en zekerheid. Het produceert in de kinderen een gevoel van
vertrouwen omdat zij weten dat hun ouders de hunne zijn.
Het is begrijpelijk dat dit feit in de praktijk tot het scheppen van zgn.
optimisten leidt, vooropgesteld dat wij onder een optimist iemand
begrijpen die allereerst het positieve in dingen ziet alsmede de
mogelijkheden tot verbetering, en dan pas de obstakels die in de weg
liggen; hij of zij zal dan met alle voorhanden middelen aan het werk
gaan en de problemen op een sportieve en opgewekte manier het hoofd
bieden. Een kind kan dit alles niet doen zonder op een redelijke manier
in diens capaciteiten te geloven, zonder te kunnen bouwen op de
blijvende ouderlijke liefde en acceptatie.
Wij stellen vast dat het gezin in staat is om een situatie van vertrouwen
te scheppen, die gebaseerd is op de bestendigheid van relaties, die het
de persoon mogelijk maakt om te kunnen groeien zoals hij of zij is, met
alle daarbij behorende persoonlijke vrijheid.
5
4. Persoonlijke stijl
Een persoon die geen stabiliteit in diens relatie met anderen heeft
gevonden, zal logischerwijze ook instabiel worden in andere aspecten van
het dagelijks leven. Om te groeien heeft de persoon wortels nodig, zowel
emotionele als ook historische, en er zal een besef moeten zijn dat hij
of zij tot een proces behoort dat lang geleden is begonnen, en tot in de
toekomst zal voortduren. Het gezin laat ons deze wortels schieten.
Alhoewel vertrouwen van cruciaal belang is om de goede voorwaarden te
scheppen voor die groei, zijn er vele andere factoren die hiertoe
bijdragen. Om te beginnen kan de persoon in kwestie aanzienlijk
beïnvloed worden door de indeling en aankleding van het ouderlijk huis.
De foto van grootvader of oma´s porseleinen servies geeft de gezinsleden
het gevoel dat zij deel uitmaken van een voortdurend proces.
Maar aan de andere kant gaan kinderen de wijde wereld in en maken alle
soort teleurstellingen en narigheden mee. Wat moeten zij dan met dat
voortdurend proces? Zij zullen het ouderlijk huis aandoen en wellicht
erover klagen. Wat zij op dat moment nodig hebben, zijn twee zekerheden:
dat hun ouders ze accepteren, en dat de relaties binnen het gezin
bestendig zijn. Dat laatste kan bijv. gezien en gevoeld worden in kleine
details van de inrichting van het ouderlijk huis. Die details dragen bij
tot het scheppen van een specifieke sfeer en stijl die dat gezin
kenmerkt en uniek maakt, en die je in geen ander gezin zult aantreffen.
Om die reden kunnen wij stellen dat elke persoon binnen een gezin de
mogelijkheid heeft om op een persoonlijke stijl te groeien en te rijpen,
in plaats van op een grillige manier te worden beïnvloed door externe
factoren. Die persoonlijke stijl zal gebaseerd zijn op:
- de ontdekking van verscheidene normen en waarden, die ontwikkeld worden
tot
- maatstaven, en tenslotte tot
- deugden.
Omdat het gezin een natuurlijke organisatievorm is, maakt het voor elk lid
mogelijk om te leven op een eigen manier, samen met een set van normen
en waarden, die deel uitmaken van het innerlijke van elke persoon. Tot
die normen en waarden behoren bijvoorbeeld edelmoedigheid, eerlijkheid,
trouw en respect.
5
5. Het
gezin als de eerste school van menselijke deugden
Wij hebben reeds over de verklaring van het Tweede Vaticaanse Concilie
gesproken waarin de volgende zin te vinden is:" […] Om die reden is het
gezin de eerste school voor maatschappelijke deugden, die alle
samenlevingen nodig hebben.[…]". Hoe kunnen wij de juistheid van deze
stelling bewijzen?
Omdat het gezin een natuurlijke organisatievorm is, is het niet onderhevig
aan culturele factoren. Daarom moet het een systeem gebruiken wat
"natuurlijk" is, ten behelst een proces, waarbij feiten worden geleerd,
die het individu gemakkelijker maakt om de realiteit te begrijpen en er
verstandig mee om te gaan. Deze brede culturele ontwikkeling is niet de
hoofdtaak van het gezin.
Waar het gezin zich wél mee bezig houdt, is het vormen van het meest
natuurlijke van de mens, namelijk diens innerlijk.
Om de verschillende facetten en aspecten van ons innerlijk en onze
persoonlijkheid (en daarmee van onze persoonlijke vrijheid) te
ontwikkelen, moet men allereerst zichzelf leren kennen. Wij moeten de
kwaliteiten van elke persoon kennen om te kunnen ontdekken hoe hij of
zij zich op de beste manier kan ontplooien en ontwikkelen. Die
ontwikkeling behelst drie stappen:
a) zelfkennis, dat tot
b) zelfdiscipline leidt, dat weer tot gevolg heeft
d) zelfovergave, wat wil zeggen ten dienste zijn van anderen.
Deze integrale ontwikkeling wordt bereikt via het groeien in menselijke
deugden. Met andere woorden, de volwassenheid van een persoon is het
resultaat van een goed uitgebalanceerde ontwikkeling van menselijke
deugden.
De maatschappij heeft overduidelijk behoefte eraan dat deze deugden in
ieder van haar leden tot ontwikkeling komen. Maar het is moeilijk om
zich voor te stellen hoe dit tot stand zou kunnen komen zonder het
gezin.
Een deugd kan in relatie tot twee aspecten ontwikkeld worden: ten eerste,
de intensiteit waarmee die beoefend wordt, en ten tweede de billijkheid
van de beweeggrond eraan ten grondslag ligt. In de maatschappij wordt
over het algemeen interesse getoond voor deugden die tot betere
prestaties kunnen leiden. Wat dus betekent dat mensen vaak een set van
menselijke deugden ontwikkelen ten einde efficiënter te leven en te
werken.
Maar binnen het gezin moet dat "efficiënte" begrepen worden in de
betekenis die wij al hebben uitgelegd. Binnen het gezin is het mogelijk
om deugden te ontwikkelen die door liefde worden gemotiveerd, in de
wetenschap dat alle gezinsleden de plicht hebben elkaar te helpen om te
ontplooien. Want zolang een persoon zo dicht bij anderen leeft binnen
een natuurlijke organisatie, is hetgeen wat sterk wordt of ziek, één
eenheid, en dat is het gezin.
Het is het gezin dat in die zin diens leden helpt om de buitenwereld en
alle bijbehorende culturele en maatschappelijke invloeden een
persoonlijke betekenis te geven. Met andere woorden, binnen het gezin
kunnen externe data vertaald worden in iets van betekenis voor elk
afzonderlijk lid.
5
6. De eenheid van
het gezin
Men kan zich afvragen hoe gerechtvaardigd het streven is om een gezin zo
te ontwikkelen en te beschermen dat diens leden wel ervan kunnen
profiteren, maar buitenstaanders niet. Zonder twijfel hoort elk individu
verantwoordelijk te zijn voor zorg en bescherming van het eigen gezin
(afgaande op de aanwezige set van normen en waarden). Allereerst omdat
hij daar de nodige rust en innerlijke kracht kan vinden om anderen te
helpen. Maar evenzeer dient hij zich bezig te houden met personen buiten
zijn gezinsverband.
Om deze reden mag de eenheid binnen het gezin niet los worden gezien van
het hebben van contacten erbuiten. Het gezin is juist een open systeem
dat iedereen binnen en buiten zijn verband beïnvloedt en erdoor
beïnvloed wordt. De eenheid binnen het gezin wordt niet bereikt door het
van andere verbanden te scheiden, en evenmin is die eenheid een soort
product van voorspelbaar gedrag van de gezinsleden. Het gezin is geen
fabriek. Wat een ieder doet binnen het gezinsverband moet komen uit
diepliggende overtuigingen.
Wij kunnen een gezin creëren waar alle leden op een uniforme manier
handelen; waarschijnlijk zal het van buitenaf op een hecht gezin lijken.
Maar de eenheid, de hechte band binnen een gezin is niet het gevolg van
ouderlijke planning. Ook wordt die eenheid niet bereikt door alles samen
te doen. Eenheid is in feite het delen en in ere houden van een bepaalde
set van correcte en waarachtige normen en waarden. Als er
overeenstemming bestaat over die normen en waarden en over wat ze
betekenen, dan kan elk gezinslid doen en laten wat hij of zij wil, in
een eigen en persoonlijke stijl maar regelmatig om advies vragend. Doe
ik het goed? Wat denkt de rest van de familie over mij? Het is duidelijk
dat de eenheid die de beste resultaten boekt is die waarin alle
gezinsleden het eens zijn over de opdracht - altijd conform de eigen
persoonlijke stijl - om een set van normen en waarden te ontwikkelen.
Dit proces kan bevestigd worden door observatie. Gezinnen met een eigen
identiteit zijn die families waar de leden een set van deugden aan het
ontwikkelen zijn. Gezinnen zonder eigen stijl of identiteit kennen geen
eensgezindheid in het ontwikkelen van die deugden. Een waarde die binnen
gezinnen gevonden wordt is de drang naar persoonlijke opbouw ten einde
anderen te dienen. Maar dit zal slechts geschieden indien de ouders
daadwerkelijke samenleven van een groep mensen, die elk een eigen
menselijke volwassenheid nastreven, niet frustreren.
De gemakkelijkste manier om groei te frustreren is om de aandacht te
focussen op minder belangrijke gedragsaspecten. In sommige gezinnen
treffen wij een kleinzielige en armzalige kijk op het leven aan. Wanneer
de gezinsleden dan enkel bezorgd zijn om hun eigen welzijn, om een
voorbeeld te noemen, is het gevolg een mijnenveld van jaloezie, gezeur,
afgunst en vernedering. Maar binnen het gezin is het mogelijk, door
wederzijds vertrouwen en door vertrouwen in de toekomst en in elkaars
unieke potentiëlen, om elke handeling en elke daad met liefde te
verzadigen en daardoor tot een liefde voor de wereld te komen.
Wellicht kunnen wij nu terugkeren naar ons concept van doeltreffendheid en
van daaruit overwegen wat voor blijvende normen en waarden het gezin in
zichzelf moet gaan ontdekken.
5
Conclusie
Bekwaam zijn, zoals we hebben gezegd, betekent je best doen, tevredenheid
met jezelf en persoonlijke ontwikkeling en groei. We hebben een aantal
specifieke kenmerken van het gezin genoemd waarbij de volgende
onderwerpen ter sprake zijn gekomen – het gezin als een groep mensen die
alles delen, veiligheid en continuïteit in het gezin, persoonlijke
inbreng, het gezin gezien als de eerste leerschool van menselijke
waarden en de hechtheid van het gezin. Kan een mens ergens anders betere
resultaten bereiken? Het individu en de maatschappij in het algemeen:
kan men hetzelfde bereiken met minder moeite of in minder tijd zonder op
de steun van het gezin te rekenen? Of betere resultaten met dezelfde
inzet?
Iedereen heeft kwaliteiten, bepaalde eigenschappen en potentiële
kwaliteiten die soms niet ontplooid zijn. Maar diegene die er het beste
toe in staat is om anderen te helpen is diegene die erin geslaagd is om
zijn talenten te ontwikkelen, ofwel iemand met een goede algemene
ontwikkeling. Het gezin door de natuurlijke banden stimuleert de
ontwikkeling van de eigen identiteit van ieder persoon, de ontwikkeling
van zijn eigen ik en van de menselijke waarden die in alle
maatschappijen belangrijk zijn.
De mens, een wezen dat in vrijheid leeft, heeft het gezin nodig om zich
bewust te worden van zijn eigen beperkingen en mogelijkheden en ook om
met zijn beperkingen te leren leven en zijn eigen mogelijkheden te
ontplooien. Dit is de manier om jezelf te leren kennen en te ontwikkelen
en zo in staat zijn om anderen beter te helpen. Als we de maatschappij
zien als een groep van vrije menselijke wezens, is het gezin ook nodig
om de maatschappij te verrijken met de inzet van de individuele waarde
van ieder lid. Daarentegen, als de maatschappij niet als een groep
menselijke wezens wordt gezien dan is ieder individu nutteloos en zo ook
het gezin: dan is het voor de hand liggend om iedere organisatie die
persoonlijke inzet probeert aan te moedigen, te onderdrukken en deze te
vervangen door een georganiseerd samenzijn waarbij ieder lid wordt
gezien als nuttig door de functie die hij vervult en niet door wat hij
zelf is.
De tweede vraag die we moeten beantwoorden is; tot op welke hoogte vindt
de mens persoonlijke voldoening in het gezin? Met voldoening bedoelen we
dan niet een passieve status van welzijn. Ieder mens heeft een aantal
basis benodigdheden (een minimum inkomen, licht, eten etc.) nodig maar
voldoening is iets wat niet ligt op het niveau van benodigdheden van het
lichaam en zijn begeerten; het heeft te maken met de capaciteiten van
ieder mens en zijn inzet om die capaciteiten te benutten. De diepere
betekenis van de persoonlijke voldoening is te vinden in natuurlijke
elementen (en niet in materiële dingen) wanneer de mens de reden ontdekt
waarom hij geschapen is en moeite doet om de hindernissen te overbruggen
om zich dit te realiseren.
Het gezin is een natuurlijke organisatie, bestaande uit verschillende
relaties tussen mensen die het doel van hun leven ontdekken – andere
mensen helpen en van andere mensen houden – op een natuurlijke manier.
Het gezin is een groep mensen waarin het redelijk makkelijk is om te
proberen als een goed mens te leven en hierin voldoening te vinden zoals
men dat voelt wanneer je anderen probeert te helpen. Tegelijkertijd
ontvangt men de aandacht en liefde van anderen bij de meest diepe
aspecten van ons eigen persoon.
Ongetwijfeld zijn de relaties binnenin een gezin niet genoeg om volledige
voldoening te vinden. Het is ook nodig om bezig te zijn met je werk; de
mens is geschapen om te werken. En een mens heeft vrienden en gezelschap
nodig. Ieder mens kan zichzelf ontwikkelen in al deze relaties. En de
mens moet vooral de relatie met God ontwikkelen. (We hebben al eerder
gezegd dat Vaticanum II het gezin heel belangrijk vindt voor
godsdienstige ontwikkeling). Het gezin is hoe dan ook nog steeds de
plaats waar ieder mens een eerste basis voldoening vindt omdat het gezin
je onvoorwaardelijk accepteert en van ieder uniek aspect van je eigen
persoon houdt.
De mens behaalt veel voldoening door zijn werk goed te doen, door
gewaardeerd te worden door zijn vrienden omdat hij iets voor hen doet.
Maar de echte voldoening die de mens in staat stelt om voor het welzijn
van anderen te zorgen in plaats van voor die van zichzelf komt voort uit
de tevredenheid met zichzelf; en dit gevoel van tevredenheid is het
resultaat van het nastreven van het doel dat we ons in het leven hebben
gesteld. Dit doel kan gevonden worden, zoals we hebben gezegd, in de
meest natuurlijke aspecten van het leven – in relaties met andere
mensen, in het werk, in de natuur; je klein en onbetekenend voelen in de
oneindigheid van de schepping maar tegelijkertijd weten dat ieder mens
een eigen missie heeft om God te eren.
En een derde vraag om mee te eindigen: In hoeverre kunnen we zelf
ontwikkelen en groeien binnen het gezin? Het gezin, zoals gezegd is de
eerste leerschool voor de menselijke waarden. Het is duidelijk dat
zonder het gezin het behoorlijk moeilijk is om zelf goede gewoontes te
ontwikkelen.
Echter in het dagelijks leven hebben veel gezinnen niet de basis elementen
die we beschreven hebben. Het gezin als organisatie heeft bepaalde
structurele karakteristieken die de mens precies ten goede komen. In het
begin zijn deze karakteristieken neutraal maar zodra het gezin begint te
functioneren hangt het werkelijke karakter voor een groot deel af van de
inbreng, het gedrag en houding van de leden. Daarom, wat betreft het
gezin als leerschool, heeft het gezin pas praktische betekenis als de
betrokken personen zich bewust zijn van de kansen die ze hebben om zich
daar binnen te ontwikkelen. Er zullen altijd gezinnen zijn waarvan de
leden gelukkig, saamhorig en tevreden zijn, en er zullen altijd andere
gezinnen zijn waarvan de leden in een persoonlijke crisis verkeren,
ontevreden, ongelukkig en nutteloos zijn. Maar het is verkeerd om daarom
te zeggen dat het gezin zich in een crisis bevindt. Veel individuele
gezinnen zijn misschien in een crisis omdat de leden de ware betekenis
van het gezin als instituut niet hebben ontdekt en omdat ze niet serieus
willen nadenken over het doel in hun leven. Maar er zijn ook een
heleboel gezinnen die saamhorig en gelukkig zijn.
We hebben de betekenis van het gezin als organisatie bekeken waarbij we
ons baseerden op bepaalde waarden die op een zekere manier geleerd
kunnen worden. Maar misschien is al dit geredeneer niet nodig. Misschien
is het genoeg om de vertrouwensvolle lach van een klein kind, de
blunders, dromen en ideeën die men deelt met een geliefde, de vrede en
rust te beschrijven als ‘thuis’ en hiermee gewoonweg te constateren dat
het gezin eeuwige waarde heeft en dat het gezin altijd blijft bestaan.
|