Voor de ouders
Overlevingshandleiding voor ouders van pubers I
Uitgaande van enkele boeken van de pedagoog Cassany en onze eigen ervaring met pubers
hebben we voor de ouders deze handleiding opgesteld
J. Bibian

I. MAATREGELEN DIE DE OUDERS VOOR ZICHZELF MOETEN NEMEN

WEES CONSEQUENT
1. Voer strijd met jezelf om consequent te zijn: probeer nooit iets te doen wat tegen de ideeën die je uitgesproken hebt ingaat.
2. Bevorder of breng ten uitvoer je wensen om positieve invloed op de maatschappij uit te oefenen; geef je mening in de media; kom met oplossingen voor situaties die volgens jou onrechtvaardig zijn.
3. Maak geen ruzie met je echtgeno(o)t(e) en trek naar hem/haar nooit een lang gezicht in aanwezigheid van je kind (het beste is eigenlijk nooit ruzie te maken).
4. Herzie je mening als je je vergist. Denk niet dat je dan prestige gaat verliezen (welke prestige....?).
5. Zet je in om thuis nog meer dienstbaar te zijn: knap huiselijke karweitjes op.
6. Maak met je echtgeno(o)t(e) een wekelijks plan om zodoende op dezelfde punten van je kinderen te kunnen eisen.
7. Wees optimistisch. Wees realistisch.
8. Probeer je ideeën te analyseren: welke zijn vrucht van een vaste overtuiging, goed gegrondvest; en welke vloeien voort uit de routine en trends. Wat deze laatste betreft: wees soepel.
9. Probeer standvastig te zijn in wat je belangrijk acht.
10. Hernieuw de liefde tot je echtgeno(o)t(e).

WEES INTELLIGENT
11. Studeer. Leer. Toon belangstelling voor de nieuwigheden die in de wereld ontstaan.
12. Ontwikkel je als een vader/moeder van een puber. Zoek mensen die je goede lectuur, lezingen, cursussen, enz kunnen aanraden.
13. Bid. Ook al heb je dit de laatste tijd niet gedaan. God kent je omstandigheden thuis. (Eigenlijk kennen alleen God en jij deze).
14. Zet het idee van jou af dat alles jouw schuld is. Net als iedereen heb je zeker veel fouten gemaakt, maar vergeet ook niet dat je kind zijn eigen vrijheid heeft.
15. Let op de TV, de pers, de tijdschriften die thuis binnenkomen. Wees een beetje hard ook al moet je veel klachten aanhoren.
16. Gebruik de volgende zinnen: "Nou, misschien heb je nog gelijk", "Natuurlijk, dáár had ik niet aangedacht", "Dat wat je zegt is waar", "Ik geef toe dat ik me vergist heb".
17. Laat de wens varen om tegenover andere echtpanen een goed figuur te slaan.
18. Als een dier een prikkel krijgt, reageert hij, maar een dier beslist niet. De ouders van een puber (verstandig dier in crisis) moeten eerder beslissen dan reageren.

DE STRIJD PLANNEN
19. Maak een lijst van punten die je met je kind wilt oplossen. Stel ze in volgorde van prioriteit. Werk eraan met orde.
20. Onderzoek voor het slapen gaan de zaken die je met betrekking tot je kind hebt verricht. Vat concrete voornemens.
21. Probeer je te overtuigen dat hij geen kind meer is. Behandel hem niet als een kind als je hem zegt dat hij zich als een volwassene moet gedragen.
22. Ook al kost het je veel moeite omdat je een negatieve reactie verwacht, zoek steeds de kans om je kind de waarheid te vertellen.
23. Ga naar zijn school. Spreek met zijn leraren en mentor. Probeer gezamenlijke doelen vast te stellen.