Voor de ouders 

Wat moet ik mijn kind leren?

prof. dr. David Isaacs, pedagoog

Belangrijke deugden voor 8/12 jarigen
Het is denk ik logisch die deugden onder handen te nemen, die met de sterkte te maken hebben. Er hebben nu biologische veranderingen plaats in het kind en het voelt zich onhandig en vaak niet op zijn gemak met zich-zelf. Dan is het ook goed voor hem veel aan sport en andere lichamelijke activiteit te doen. Hij kan ook erg wispelturig zijn: begint b.v. met een spel, laat het liggen, zoekt iets anders, maakt ook dat niet af en gaat weer iets anders doen enz. Hij voelt zich als de bergbeklimmer die aan een berg begint, maar dan wordt hij moe, hij heeft geen zin meer en dus geeft hij het op. En nu komt het aan op de deugden die met de sterkte te maken hebben: vooral volharding en verantwoordelijkheid, en ook ijver en werkzaamheid. En verder deugden die op de naaste betrekking hebben, voornamelijk edelmoedigheid. Voer deze leeftijdsgroep dus: sterkte voor henzelf, en edelmoedigheid zodat zij, sterker wordend, van die kracht aan anderen kunnen meedelen.

Voor 13/15 jarigen
Op deze leeftijd hebben de kinderen pas zichzelf ontdekt; tot dan toe had het eigen ik nog niet zo de belangstelling. U merkt opeens dat een kind dat altijd erg open is en door het huis liep te zingen, zich niet meer laat horen en zich terugtrekt op zijn kamer. Het wordt introvert. Hij begint te ontdekken dat hij zijn eigen gevoelens en gedachten heeft, die hij met anderen kan delen, maar die hij ook voor zich kan houden als hij dat wil. Dit lijkt me het juiste ogenblik om die deugden te ontwikkelen die met de persoonlijke gevoelens te maken hebben, zoals vriendschap, bescheidenheid en zedigheid. Welbegrepen bescheidenheid althans, want gewoonlijk denkt men dat deze deugd alleen betrekking heeft op de kleding, op de bedekking van het lichaam. Maar ik beschouw de bescheidenheid als een veel meer omvattende deugd in de betekenis van: het goed benutten van alle aspecten van de eigen persoonlijk

beid. Zo kan men bescheiden zijn in verband met dingen die men gedaan heeft, maar ook in verband met zijn gevoelens en de gevoelens en daden van zijn gezin. Men kiest zorgvuldig de juiste persoon en het juiste moment om over de eigen persoonlijkheid of over de persoonlijke kwesties in zijn gezin te praten. Ook vriendschap is belangrijk.

Boven de 15 jaar
Voor kinderen boven de 15 jaar moet men gaan denken aan deugden die meer op het intellectuéle vlak liggen. Het denkvermogen van de kinderen begint toe te nemen en daarom komt er nu de voorzichtigheid bij. waarvan het kritisch denken deel uitmaakt.
Het kritisch denken dat deel uitmaakt van de deugd van voorzichtigheid en de voornaamste eigenschap bij het wetenschappelijk onderwijs is, heeft drie aspecten:
1. het verzamelen van informatie. Hieronder valt het weten waar die informatie te vinden is, het onderscheiden in rechtstreeks of slechts zijdelings belangrijke informatie, d.w.z. wat zijn feiten en wat is persoonlijke mening. Is het informatie uit een betrouwbare bron of is ze van twijfelachtige herkomst enz.
2. het bepalen van maatstaven om de informatie te beoordelen.
3. het oordelen: het toetsen van de informatie aan zijn maatstaven.

Dat zijn de drie aspecten van het kritisch denken. De voorzichtigheid voegt er nog een aan toe, namelijk het handelen: ik moet hier zus of zo handelen of: ik doe helemaal niets. Verder hebben we nog: het vermogen zich te voegen naar anderen (aanpassingsvermogen, inschikkelijkheid) en het vermogen begrip op te brengen.